De schaduwkant van 47 zijn
Toen ik besloot dit artikel te schrijven, dacht ik: laat ik eens berekenen wanneer ik eigenlijk met pensioen mag. Gewoon, uit nieuwsgierigheid. De uitkomst voelde als een tikje ironisch. Volgens de huidige berekeningen krijg ik mijn AOW op 16 juni 2047. Dan ben ik 68 jaar en 6 maanden. Dat is nog een hele rit.
Ik moest lachen toen ik het las. Want ik weet nog goed dat ik als meisje van twaalf niet kon wáchten tot ik mocht werken. In de weekenden, in de vakanties, ik deed het allemaal. Werken gaf me vrijheid, trots, eigenwaarde en natuurlijk geld. Dat gevoel is nooit verdwenen. Werken is voor mij altijd verbonden geweest met leven. Met bewegen, met iets bijdragen, met leren. En toch, als ik nu besef dat er nog ruim twintig jaar te gaan zijn, voel ik ook een zekere zwaarte. Een lange, soms vermoeiende weg die nog voor me ligt.
Misschien herken jij dat gevoel. Dat moment waarop je beseft dat je midden in het leven staat, maar ook al een flink stuk hebt afgelegd. Dat er nog zóveel te doen is, terwijl je lijf en hoofd iets anders beginnen te fluisteren.
Er is iets bijzonders aan 47 zijn. Het is een leeftijd waarop alles tegelijk lijkt te gebeuren. De kinderen zijn oud genoeg om hun eigen leven te leiden, maar lang nog niet los. Ouders worden ouder en hebben meer zorg nodig. Jezelf probeer je ondertussen staande te houden tussen al die rollen: moeder, dochter, partner, ondernemer, vriendin. En ergens daartussen wil je nog jezelf blijven of de nieuwe versie van jezelf vinden.
In mijn eerdere blogs schreef ik over mijn ouders, over hoe ze niet dood willen, maar al lang geleden gestopt zijn met leven. En over vrijheid: over het verschil tussen vrij zijn en je vrij voelen. Soms denk ik dat ik precies in het midden van die twee verhalen leef. Ik wil niet stoppen met leven, maar ik wil het anders doen. Ik wil vrij zijn, maar vooral: vrij voelen.
Mijn lichaam verandert, mijn energie verschuift, mijn gedachten bewegen in een andere richting. En tegelijkertijd voel ik me krachtiger dan ooit. Misschien omdat ik eindelijk echt luister. Naar wat mijn lichaam zegt, naar wat ik voel, naar wat ik te lang heb genegeerd.
Ik ben weer met wat nieuws begonnen op mijn 47ste. Met boksen, in onze eigen studio. Niet omdat ik per se wilde leren slaan, maar omdat ik wilde leren staan in mijn eigen center. Boksen houdt me scherp, maakt mijn hoofd echt leeg. Het dwingt me om aanwezig te blijven, om in mijn lichaam te blijven. Iedere stoot vraagt aandacht, kracht, ritme. Het leert me vechten zonder te verharden.
En dan yoga. Mijn zachte tegenhanger. De rust na de storm. Waar boksen me leert om krachtig te staan, leert yoga me om weer te verzachten. Samen brengen ze me precies waar ik wil zijn: in balans. Sterk en zacht tegelijk.
Soms vraag ik me af of jij dat herkent. Dat verlangen om iets nieuws te beginnen, juist nu de wereld verwacht dat je het allemaal wel weet. Of dat gevoel dat je lichaam iets anders zegt dan je hoofd nog wil toegeven. Volgens het CBS en het RIVM is de groep vrouwen tussen 45 en 55 de meest “zoekende” generatie in Nederland. Meer dan twee derde zegt dat hun lichaam anders reageert dan vroeger. Meer dan de helft voelt zich minder energiek en emotioneel sneller uit balans. En toch blijven we doorgaan. We willen niet oud zijn, maar ook niet toegeven dat we veranderen.
Misschien is die verandering juist een uitnodiging. Een kans om jezelf opnieuw uit te vinden. Niet omdat je iets bent kwijtgeraakt, maar omdat je groeit.
Ik ben weer gaan studeren. Alweer, ja. Want leren is de rode draad in mijn werkende leven. Elke opleiding, elke verdieping, elke training leert me iets nieuws over mezelf en over anderen. Over wat mensen drijft, over wat ze tegenhoudt, over hoe we steeds weer onze balans zoeken.
Ik run twee bedrijven tegelijk, coach steeds vaker hele dagen in het Engels wat voor mij zo spannend was ik ben namelijk het ruim 20 jaar echt uit de weggegaan en begeleid vrouwen in hun kwetsbare fases. Soms lijkt het veel, en dat is het ook, maar het voelt niet zwaar. Het voelt levend. Alsof alles wat ik leer en doorgeef in elkaar overvloeit.
Er zijn dagen waarop ik me onoverwinnelijk voel. Als ik in de boksring sta, mijn adem voel, mijn hartslag hoor. Dan denk ik aan mijn moeder, aan haar stille leven, en ik voel: ik wil blijven leven. Niet op de automatische piloot, maar met alles wat ik ben.
Maar er zijn ook dagen waarop ik moe ben. Waarop het dragen en zorgen even te veel is. Ouders die achteruitgaan, pubers die hun eigen pad zoeken, de wereld die sneller lijkt te draaien dan ooit. Dan helpt geen schema of agenda, alleen zachtheid. Rust. Even niets hoeven.
De overgang is niet alleen een lichamelijke fase. Het is een overgang in alles. In hoe je denkt, voelt en leeft. Het vraagt dat je opnieuw kijkt: wie ben ik nog, wat wil ik nog, wat past er nog bij mij? Het is een fase waarin veel vrouwen zichzelf opnieuw ontmoeten. Niet vanuit tekort, maar vanuit verandering.
Volgens recente cijfers van het CBS voelt bijna de helft van de vrouwen tussen 45 en 55 zich regelmatig emotioneel uit balans. Niet ziek, niet depressief, maar in transitie. Hun lichaam, hun hormonen, hun omgeving waar alles beweegt tegelijk. En dat mag gevoeld worden.
Ik geloof dat dit juist de periode is waarin we opnieuw mogen leren leven. Waarin we ruimte maken voor wat écht klopt. Zoals bomen hun bladeren loslaten om nieuw leven te maken, mogen wij ook loslaten wat niet meer past. Oude patronen, oude verwachtingen, oude rollen.
Steeds vaker stel ik mezelf de vraag: wat maakt me écht gelukkig? Wat laadt me op? Wat geeft me zin? Soms is dat een sessie met een vrouw die ik mag begeleiden. Soms een wandeling in stilte. Soms een uurtje boksen, waarin ik mezelf weer voel. En hopelijk als ik later groter ben, een dag niks.
De schaduwkant van 47 zijn is niet donker. Het is het deel van jezelf waar je even niet in het volle licht staat, maar waar juist groei plaatsvindt. Het is de plek waar eerlijkheid woont, waar zachtheid kracht wordt.
We horen bij een generatie die nog twintig jaar mag werken, zorgen, dragen, maar die ook de kans heeft om het anders te doen. Om het beter te doen. Niet door harder te rennen, maar door bewuster te leven. Niet door te overleven, maar door te kiezen voor wat echt klopt.
Misschien herken jij dat verlangen om te blijven leren, bewegen, ontdekken. Om niet te stoppen met leven, ook als het soms lijkt alsof de wereld dat wel doet. Misschien sta jij ook op dat kruispunt waar werk, gezin, lichaam en verlangen elkaar raken.
Weet dan: dit is geen eindpunt. Dit is een begin. 47 is niet oud. Het is volwassen vrijheid. De fase waarin je weet wie je bent, maar nog altijd mag ontdekken wat er allemaal mogelijk is.
De schaduwkant is er niet om te verbergen, maar om in te rusten. Zodat er ruimte ontstaat voor licht.
Liefs Karin


